Een allergie kan een behoorlijke impact hebben op uw functioneren in het dagelijks leven. Een allergie kan bijvoorbeeld leiden tot een slechte nachtrust, ziekteverzuim of zelfs tot het ontwikkelen van astma. Het is dan ook van groot belang om allergie vroegtijdig en goed te behandelen.

Misschien bent u bekend met de volgende klachten: niezen, tranende ogen en een loopneus bijvoorbeeld in de zomermaanden of als u in de buurt bent van huisdieren. Bij zulke klachten is er misschien sprake van een inhalatieallergie. Een inhalatieallergie ontstaat door het inademen van stoffen waar u allergisch voor bent. Deze stoffen worden allergenen genoemd, de meest voorkomende allergenen zijn:

  • Stuifmeel (pollen) van bomen, grassen en onkruiden
  • Huisstofmijt
  • Huidschilfers (epithelia) van bijvoorbeeld hond en/of kat
  • Schimmels

Meer informatie over allergenen vindt u bij het kopje wat zijn allergenen? op de pagina wat is allergie?

 

Wat kan ik doen aan allergie?

Wanneer bij u een allergie wordt vastgesteld voor één van bovenstaande allergenen, bestaat de behandeling van deze allergie uit drie verschillende onderdelen, namelijk:

  • Saneren oftewel het vermijden van allergenen
  • Symptoombestrijding
  • Allergie immunotherapie

 

 

Saneren

Saneren betekent letterlijk “zuiveren” en “gezond maken”. Het vermijden van allergenen, het niet in contact komen met de stof die bij u de allergische klachten veroorzaakt. Dit heeft als voordeel dat een behandeling met medicijnen niet nodig is. Het compleet vermijden van allergenen is bijna onmogelijk, zo blijkt in de praktijk, bijvoorbeeld omdat pollen door de lucht zweven en u echt wel eens in aanraking komt met de kat van iemand anders. Handige tips voor het vermijden van allergenen vindt u bij:

 

Symptoombestrijding

Bij een allergische reactie komt er in het lichaam een stof vrij die ‘histamine’ wordt genoemd. Histamine is de belangrijkste veroorzaker van de klachten bij een (inhalatie)allergie. De groep medicijnen die wordt gebruikt voor behandeling van de allergische klachten is bekend onder de verzamelnaam symptomatische medicatie (of kortweg symptomatica). Bij gebruik van deze medicijnen wordt de werking van histamine geblokkeerd waardoor de klachten afnemen. Voorbeelden van dit type middelen zijn antihistaminica en corticosteroïden, deze zijn verkrijgbaar in tabletten, neussprays en oogdruppels.

Het kan nodig zijn meerdere geneesmiddelen te gebruiken om de klachten waarvan u last heeft aan te pakken. Bijvoorbeeld een middel om de verstopte neus te behandelen naast een middel om de jeuk in de ogen te bestrijden. Symptoomonderdrukkende medicijnen zorgen ervoor dat uw klachten tijdelijk snel verminderen (in de meeste gevallen geven ze gedurende een dag verlichting van de klachten). De klachten zullen terugkomen zodra het gebruik van symptomatica wordt gestopt.

Antihistaminica

Antihistaminica zijn misschien wel de meest bekende vorm van symptomatische medicijnen die meestal in tabletvorm wordt gebruikt. Bij een allergische reactie komt histamine vrij in uw lichaam en dit veroorzaakt klachten zoals jeuk aan uw ogen, neus en niezen. Antihistaminica blokkeren de werking van histamine en verminderen zo de klachten van de meeste allergieën. De werking treedt snel op en de dosering is meestal éénmaal daags.

Corticosteroïden

Corticosteroïden zijn ontstekingsremmende medicijnen, ze onderdrukken de afweerreactie van uw lichaam. Corticosteroïden moeten continu worden gebruikt in de periode dat u in contact bent met allergenen waar u allergisch op reageert. Deze medicijnen worden voornamelijk als neusspray toegediend.

Nasale decongestiva

Nasale decongestiva zijn medicijnen die uw neusverstopping verminderen. Ze zijn verkrijgbaar als druppels of neusspray. Ze mogen maar voor een korte tijd gebruikt worden.

Sommige symptoomonderdrukkende medicijnen zijn zonder recept verkrijgbaar bij uw apotheek of drogist. Andere medicijnen worden uitsluitend op recept van een arts verstrekt. Neem altijd eerst contact op met uw arts voordat u medicijnen gaat gebruiken.

 

Allergie immunotherapie

Allergie immunotherapie is een minder bekende behandeling tegen allergie. Het inzetten van immunotherapie beoogt de onderliggende oorzaak van de allergie aan te pakken. Door de toediening gedurende langere tijd van een bepaalde hoeveelheid van de stof waarvoor men allergisch is (allergeen) wordt toegediend, kan het immuunsysteem (lichamelijk afweersysteem) gewend raken aan deze stof. Het immuunsysteem kan op den duur minder of niet meer reageren op het allergeen waardoor men ook minder of geen last meer kan hebben van de allergieklachten.

Uit onderzoek is gebleken dat allergie immunotherapie een gunstige invloed kan hebben op het natuurlijke beloop van de ziekte. Hiermee wordt bedoeld dat de behandeling effect kan hebben op klachten zoals een loopneus, jeukende en/of tranende ogen en niezen (de vroege allergische reactie). Daarnaast kan allergie immunotherapie ook een gunstige invloed hebben op de late allergische reactie waarbij ontstekingscellen betrokken zijn. De klachten die men hiervan kan ondervinden zijn een verstopte neus, hoesten, piepende ademhaling (astma en/of bronchitis) die gepaard kan gaan met een gevoel van benauwdheid.

De totale behandeling duurt 3 tot 5 jaar. Deze periode is nodig omdat het lichaam tijd nodig heeft om tolerantie op te bouwen tegen de stof waarop het allergisch reageert. Het resultaat dat men na het afronden van de behandeling bereikt heeft, blijft over het algemeen ook aanhouden.

 

Welke toedieningsvormen van allergie immunotherapie zijn er?

Er bestaan verschillende toedieningsvormen van immunotherapie:

Tabletten

Deze toedieningsvorm op het gebied van allergie immunotherapie is een éénmaal daags in te nemen smelttablet voor onder de tong. Op dit moment is de tablet verkrijgbaar voor de behandeling van een graspollenallergie en dus bestemd voor patiënten met hooikoortsklachten.

Injecties

Toediening van allergie immunotherapie via injecties vindt altijd plaats bij uw behandelend arts. Een behandeling met injecties kent een instelfase en een onderhoudsfase. Tijdens de instelfase worden injecties toegediend, waarbij de dosering steeds wordt verhoogd. Wanneer de hoogste dosering is bereikt, begint de onderhoudsfase waarbij steeds een injectie wordt gegeven.


Laatst bijgewerkt: 20 mei 2016